lalalalinder on the road (again)


laos

stories

Back to Laos index

 

De ultieme Jeroen & Linda gids naar Zuid-Laos

(Pakse, Champasak, Don Khon, Savannakhet)

Introductie
Laos is lange tijd vergeten door de bewoonde wereld. In de Vietnam oorlog voerden de Amerikanen hier geheime bombardementen uit, maar niemand scheen er aandacht aan te besteden. Daarvoor was Laos lange tijd een kolonie van de Fransen, maar de minst lucratieve en daarmee minst bekende. Sinds mijn vorige bezoek aan Laos in maart 2002 is het toerisme toegenomen. Steeds meer mensen weten de weg naar Laos te vinden, zeker nu de grens met Cambodja open is en het dus makkelijker is een rondje te maken. Het toegenomen toerisme heeft zijn nadelen. Nu al zie je mensen in de toeristenindustrie (voor zover die hier bestaat!) afstompen. Over het algemeen zijn de mensen echter nog supervriendelijk. Als blonde of besproete backpacker ben je hier een kermisattractie, de mensen reageren geschrokken of verrast, maar meestal moeten ze hard lachen als ze je zien lopen. Wij raden aan het gelach als een positief teken op te vatten.

Vervoer
In Laos niets geen minibusjes, maar lokaal vervoer. Het vervoer verschilt dramatisch en is onvoorspelbaar. De wegen zijn aardig opgeknapt en het is nu mogelijk 350 kilometer in 5 uur af te leggen. We onderscheiden drie openbaar vervoer middelen. Allereerst de tuk-tuk. De tuk-tuk gebruik je als privechauffeur en geeft je de kans afgelegen toeristische attracties te bekijken. Daarnaast dient de tuk-tuk als taxi in en om de stad. Tuk-tuks worden door de lokale bevolking soms gebruikt als songthaew door er met 20 mensen in te gaan zitten.

Een songthaew (saaaamtaam) is een wat groot uitgevallen tuk-tuk, zeg maar een pick-up truck met een dakje. Songthaews dienen als bussen en rijden op tijd van plaats A naar B. Songthaews vertrekken meestal van de markt en dienen ook als boodschappenwagentje. Je komt dus om 8.45 op de markt, vraagt hoe laat de goede man vertrekt (9 uur). Dit geeft je dus een uur en een kwartier (want 9 is 10 en 10 is 11 enzovoorts) om heen en weer naar de markt te lopen, je bananen in te laden, je kippen, je varkens, misschien nog wat groenten, je kent het wel. Als de songthaew gaat vertrekken, blijken er altijd nog wat meer mensen mee te willen en zo zit je dus al snel met een mannetje of 45 in of op de songthaew. Deze scheurt vervolgens met 80 km/uur over de snelweg (lees, de enige geasfalteerde weg tussen twee steden, lees dorpen met meer dan 1000 inwoners), net als een bus.

Een bus lijkt een beetje op wat in Nederland doorgaat voor een bus. Een bus is meestal gebouwd in 1960 en rijdt alleen over grote afstanden. Soms heb je de bus voor jezelf. Je hebt dan de wind in je haren omdat ramen niet dicht hoeven te kunnen in warme landen, gezellig een Laotiaans deuntje dat door de speakers (meestal vier stuks, dolby surround) knalt en af en toe een sigaretje. Soms heb je wat minder geluk. De busrit loopt dan vertraging op omdat er langs de kant van de weg een jongen pech heeft met zijn scooter. De scooter past precies in het gangpad, dus dat is geen probleem. Het kan ook een boer zijn die wat vee moet vervoeren naar de stad. De bus stopt en het busknaapje is 45 minuten bezig om 5 manden met ieder 10 levende kippen en 10 varkentjes op de bus te laden. Dit is allemaal geen probleem, jij zit lekker in de bus.

Zowel de songthaew als de bus stoppen regelmatig om voedselverkopers langs de weg een kans te geven hun waar te komen aanbieden. Meestal zijn dit sprinkhanen of gegrilld vlees (kip? rat?) op een stokje. Kleffe koude rijst kan ook, het is net waar je zin in hebt. Naast het openbaar vervoer is het ook mogelijk gewoon een truck op de weg aan te houden. Aangezien hij altijd jouw kant op gaat (er is maar een weg) gooit hij zo vrouw met kind in de achterbak en mag jij als koning voorin.

Bezienswaardigheden
De weg loopt altijd langs verschillende dorpjes waar de mensen primitief leven. Een houten hutje op palen, wat kippen en wat gewassen en meer is niets nodig. Voor deze mensen maakt het niets uit dat Laos een socialistische staat is, hoewel het socialisme ervoor zorgt dat bijna alle kinderen naar school gaan.

Pakse - een grote stad voor Laotiaanse begrippen, waar er tijdens de middagspits op de hoofdweg echt verkeer te zien is! De stad ligt nabij het Bolaven Plateau, waar Laos koffie verbouwt. Het is eenvoudig om vanaf Pakse een tuk-tuk te huren, zo eentje die een mini-reisbureautje drijft en een toer voor je samenstelt. Zo kom je bij een waterval en neemt hij je mee naar een koffieplantage. Zo waren we op bezoek bij een 75-jarige man (stokoud hier!) die zweerde bij zijn eigen verbouwde thee. De koffie wordt in Laos geteeld en is van bijzondere kwaliteit. De rauwe koffie wordt geëxporteerd naar Thailand, waar de koffie bewerkt en verpakt wordt. Thailand exporteert het vervolgens naar de rest van de wereld en verdient al het geld. Een Laotiaan kan zich deze koffie niet veroorloven.

Champasak - ooit de hoofdstad van het koninkrijk Champasak, nu een straat met wat houten hutjes, net iets groter dan het gemiddelde boerendorp. Nabij Champasak vind je Wat Phou, een tempel op een heuvel in de stijl van Angkor Wat (ongeveer 13e eeuw nChr). Rond Champasak zie je helemaal geen bergen, totdat er een plots op duikt. Het is dan ook logisch dat de berg al eeuwen vereerd wordt en de tempel welverdiend was. Het schijnt dat een van de koningen van Angkor een beetje verdwaald was en bij Champasak aangekomen besloot er een tempeltje neer te zetten.

Si Phan Don (4000 eilanden), Don Kohn - de befaamde 4000 eilanden in het Zuiden zijn een lust voor het oog. De Mekong is hier op zijn breedst en in het droge seizoen vormen zich een aantal eilanden, 4000 als je ieder struikje dat boven water komt meetelt. De eilanden zijn ongelooflijk groen en bezaaid met palmbomen. Je vindt hier locals die nog traditioneel leven en veel hippiebackpackers. Voor 1 euro kan je in een ranzig hutje slapen en de hele dag naar de Mekong staren. Verder vind je er 4000 verschillende soorten insecten, van killer rode mieren tot gewoon heel veel muggen. Ook gezien: een lichtgevende spin. Ai... Hoewel menig packpacker hier twee weken doorbrengt, zijn de auteurs meer van het slag: na een nacht gillend weg.

Savannakhet - ooit een koloniaal paradijs voor de Fransen, nu een transferstad tussen Bangkok en Vietnam. Hoewel menig backpacker hier slechts een nacht doorbrengt onderweg naar iets anders, zijn de auteurs meer van het slag: lekker chillen in de stad. Je vindt hier koniale huizen waarin je met enige moeite Franse grandeur herkent. De mensen hier malen er niet om en het centrale plein met uitgedroogde fontein ligt er verlaten bij. In december - van 4 tot 6 zelfs - vindt in Savan het jaarlijkse festival om That Ing Hang plaats. Deze heilige stupa wordt dan bezocht door pelgrims uit de hele regio. Om de stupa vormt zich een festivalterrein met kermisattracties (ballengooien), een sportcompetitie en optredens van 'etnische' groepen uit de omliggende regio's. Een aanrader.

Pratische zaken
Geld wisselen kan bij ieder guesthouse en is sinds de invoer van de 10.000 en 20.000 biljetten een stuk eenvoudiger geworden, hoewel je nog steeds een tijdje kwijt bent met het tellen van je geld. Het is echter plezierig geld te wisselen waar het hoort, bij een bank. Met het wisselen van een 1000-baht biljet (ongeveer 20 euro) hou je al snel drie mensen aan het werk en verlaat je de bank met de nieuwe briefjes (in plaats van het pak 2- en 5.000jes dat je in het 'illegale' circuit krijgt) en drie stukjes papier waarop aangegeven staat dat jij geld gewisseld hebt.

Wees bereid bij de grens een kleine steekpenning te betalen. Of het nou een ochtendtoeslag, weekendtoeslag of gewoon extra toeslag is, de man verdient niets en jij heel veel. Bovendien is een nieuwe coole stempel in je paspoort best twee dollar waard.

Tot slot willen we alle toekomstige reizigers naar Laos erop wijzen dat de kans bestaat in een dorpje aan te komen dat aangesloten is op de nationale radio. Deze hangt dan in de bomen en begroet je iedere ochtend om 6 uur met een mooi lied in het Lao (Liiiiii, waarom ben je bij me weggegaaaaaan, ik vond je toch zo liiiiiiiieeeef!) en wat ons als een boodschap van algemeen nut in de oren klonk (de partij is het beste, de partij is het beste).

Sabaydi, Laos is het beste!

Back to Laos index